taken predikant en kerkenraad

 

Taken predikant en kerkenraad

*    De predikant dient te stoppen zodra de coördinator over gaat tot uitvoering van zijn taken. Is hijzelf degene die de calamiteit geconstateerd heeft, dan alarmeert hij de koster.

        De koster treed altijd op als coördinator bij een calamiteit

*    Op de preekstoel ligt de kanselkaart waarop de eerste informatie staat vermeld.

*    Wanneer de coördinator opdracht geeft tot ontruiming van het kerkgebouw,  dient ook de predikant met de andere kerkenraadsleden het gebouw te verlaten.

*    Wanneer de ontruiming plaatsvindt na de collectezang, is het raadzaam, indien mogelijk, de collecte door de diaken veilig te stellen.

*    Na de ontruiming verzamelen de kerkenraadsleden (hun vrouw), (kinderen) en andere huisgenoten en is er een appel op het buitenterrein. Het dient aanbeveling om zoveel als mogelijk is, als gezinnen en families te verzamelen. Toegangswegen vrijhouden.

*    Op het buitenterrein is pastorale aandacht voor de gemeenteleden, indien mogelijk een belangrijke taak.

*    Blijf zo mogelijk steeds in contact met de hulpverleners voor het ontvangst nemen en uitvoeren van eventuele instructies.

*    Na afloop van de calamiteit hebben de coördinator, kerkrentmeesters en de overheidsdiensten overleg over het weer kunnen plaatsvinden van de kerkdienst.


De kerkenraad deelt de gemeenteleden mee, dat:


*    Verder informatie telefonisch wordt gegeven door de wijkouderling.

*    Alle personen het buitenterrein mogen verlaten en naar huis gaan.

*    Let op de veiligheid en toegangswegen vrijhouden!

*    Na een calamiteit vindt er een evaluatie plaats. De kerkrentmeesters bepalen in goed overleg een datum en de kerkenraad dient daarbij aanwezig te zijn…