taken (hulp)koster

 

Taken  (hulp) koster

*    De (hulp) koster wordt gealarmeerd als er een calamiteit voordoet. Hij heeft te allen tijde de telefoon bij zich. Zo spoedig  als de gebeurtenis toelaat begeeft hij zich naar de plaats van de calamiteit, tenzij hijzelf degene is die het geconstateerd heeft.

*    Na dat hij de calamiteit heeft waargenomen, belt hij de alarmcentrale 1-1-2

*    De koster treedt altijd op als coördinator bij een calamiteit.

*    Als er brand is geconstateerd, instrueert hij kort en duidelijk de daar aanwezige personen, over bluswerkzaamheden. Er wordt dan ook direct gestart met het blussen van de brand. Met behulp van het in het kerkgebouw aanwezige blusmiddelen.

*    De koster informeert de kerkrentmeesters over de omvang en ernst van de calamiteit. Vermeld duidelijk dat het kerkgebouw ontruimd moet worden ja of nee.

*    De hulpkoster blijft bij de hoofdingang toezicht houden en verwijst daar de overheidsdiensten waar de calamiteit zich voordoet en waar de coördinator is in de kerk.

*    Na aankomst van de overheidsdiensten ( brandweer, ambulance of politie) draagt hij de leiding over en blijft (indien mogelijk) zelf ter beschikking. Hij brengt tevens direct verslag uit of er op andere plaatsen dan in de kerk mensen aanwezig zijn.

*    Hij blijft zo mogelijk steeds in contact met de overheidsdiensten voor het ontvangst nemen en uitvoeren van eventuele instructies.

*    Na afloop van calamiteit heeft hij kort overleg met de kerkrentmeesters en de overheidsdiensten over het weer plaats kunnen vinden van de kerkdienst.

*    Samen met de kerkrentmeesters voert hij de nodige technische maatregelen uit om weer naar een normale situatie in het gebouw terug te keren.

*    Na een calamiteit vind er een evaluatie plaats. De kerkrentmeesters bepalen in goed overleg een datum en de (hulp) koster dien(t) daar aanwezig te zijn.